groep1-2 groep3-4 groep5-6 groep7-8 contact onzeNieuweSite

Beeldende vorming

Wat heb je nodig?

* klei
* onderleggers
* mesjes
* spatels
* kleiroller
* latjes / stokjes
* potten met bloeiende planten
Beginsituatie

* De kinderen hebben vaker met klei gewerkt. 
* De kinderen weten hoe een plantje eruit ziet.
Doelen

* De kinderen maken een massieve vorm hol.
Inleiding ( 10 min):

Het is de bedoeling van deze les om kinderen te laten zien aan de hand van potten met (bloeiende) bloemen dat bladeren en bloemknoppen naar alle kanten kunnen groeien. 
De kinderen zullen gaan ontdekken dat de bladeren op een bepaalde manier in de ruimte zijn gerangschikt. ze steken over elkaar heen of staan verticaal in de ruimte naast elkaar. 
Laten zien hoe je een potje moet maken: een bal maken, een gat in de klei maken met een kleiroller of een mesje. 
Wanneer de potvorm klaar is, kunnen de kinderen beginnen met het aanhechten van de bladeren. Bladeren kunnen gemaakt worden geplatte stukjes klei of door het uitsnijden van een grotere plaat klei. Het aanhechten moet zorgvuldig gebeuren. Vooral bij het maken van rechtopstaande bladeren is het raadzaam de plaatjes klei dikker te maken in verband met de stabiliteit. 
De bladeren kunnen over de rand van het potje vallen, zodat ze er een gedeelte van kunnen bedekken. 
Kern ( 35 min):

De kinderen gaan de gang.
De leerkracht let erop dat de kinderen in de gaten blijven houden dat het potje rond is. 
Laat kleislib gebruiken om de bladeren vast te maken. 
Het potje kan ook versierd worden. 
Slot ( 10 min):

Welke potvormen zijn er gemaakt?
Zijn de planten ruimtelijk geordend of zijn er kinderen die aan een kant van het potje hebben gewerkt?
Zijn de bladeren goed aangehecht?
Welke versieringen zijn er op het potje gemaakt?
Deze les is gemaakt door Jolanda Louwers.


Copyright 2000 - 2005 Lesidee. Alle rechten voorbehouden.