groep1-2 groep3-4 groep5-6 groep7-8 contact onzeNieuweSite

Muziek

Grafisch noteren

Beginsituatie:
De kinderen hebben nog niet eerder met grafische notaties gewerkt.
Lesdoel:
Aan het eind van de les, kunnen de kinderen een grafische notatie maken/lezen 
en kunnen zij het lied: "Sneeuw en ijs "( Bennie Vreden) zingen.
Lesorganisatie:
De leerlingen zitten in een ruimte, waar ze vrijelijk kunnen bewegen en schrijven.
Materiaal: 
Papier en potlood, muziekinstrumenten, bijv. claves, tamboerijn, handtrom, woodblock, ritmestokjes; zakje met watten.

Voorbereidende werkvorm::
Warming up van de stem:
Ademhalingsoefening: Je handen warm blazen,
Nazeggen: brrrrrrrrrr( articulatie R)
Sneeuwvlokje in de lucht houden ( geplozen watje)
Nieuw lied aanleren: 
Sneeuw en ijs, kiele, kiele, kou, kou,
bloemen op de ruiten.
Sneeuw en ijs, kiele, kiele, kou, kou,
toch wil je naar buiten.
Dus slofjes uit, laarsjes aan, das je om, jasje aan, knoopjes dicht, goed gedaan,
mutsje op en wanten aan.

Sneeuw en ijs, kiele kiele kou, kou,
spelletjes verzinnen,
Sneeuw en ijs, kiele kiele kou, kou,
Niemand blijft er binnen,
dus slofjes uit, laarsjes aan, dasje om, jasje aan, knoopjes dicht, goed gedaan,
mutsje op en wanten aan.

Begeleidende werkvorm: 
De leerkracht zingt het lied in zijn geheel voor.(1e couplet)
De kinderen luisteren en mogen in hun handen wrijven op de maat van de muziek.
De leerkracht stelt enkele vragen over het lied en de leerlingen antwoorden.
De leerkracht zingt het lied voor. De leerlingen beelden het lied uit.
( slofjes uit, laarsjes aan etc.)
De leerlingen zingen het eerste deel n.l. Sneeuw en ijs, kiele, kiele, kou, kou,
de leerkracht zingt alleen verder.
De leerkracht heeft het lied nu zelf een paar keer voorgezongen. 
De leerlingen mogen het nu alleen proberen.

De leerkracht bedenkt met de leerlingen een teken voor de sneeuw.
Bijv. een spiraalvormig teken naar beneden ( dwarrelen)
dikke rondjes voor de hagel
wolkjes voor de wind
twee verticale strepen naast elkaar als symbool voor het handen wrijven.
Samen met de leerlingen bedenkt de leerkracht een instrument dat bij het weertype past.

De leerkracht schrijft het weerbericht op het bord.
De leerlingen voeren het weerbericht instrumentaal uit.
Daarbij wordt elk weertype aangewezen met een aanwijsstok, door de weerman/weervrouw.

Evaluerende werkvorm: 
De leerkracht laat de kinderen zelf hun weerbericht maken.
Alleen is het nu geen winter, maar zomer.
De leerlingen schrijven zelf in groepjes van vijf, het weerbericht en bedenken welk instrument bij het weertype past. ( zon, bewolking, regen, onweer,).
De leerkracht zet de grafische notaties van telkens een groep op het bord.
De leerlingen laten hun weerbericht op de instrumenten horen.

(c) Ineke Strik - Barkey†


Copyright © 2000 - 2005 Lesidee. Alle rechten voorbehouden.